De Springplank
Irisvaart 6-8, 2724TT Zoetermeer, tel 079-3460064  email: directie@obs-springplank.nl 
Informatie groep 6

In groep 6 wordt er weer meer van de kinderen verwacht. Nieuwe zaken binnen verschillende leerstofkernen zijn aan de orde, evenals het werken met een uitgebreidere weektaak.

Om de leerstof van vooral de zaakvakken voor de kinderen zo gestructureerd  en overzichtelijk mogelijk te maken, is het handig dat zij over een grote multomap (23 rings)  beschikken.

 

In november en februari zal er met u gesproken worden over de vorderingen van uw kind. Uiteraard is er ook de mogelijkheid om na schooltijd met de leerkracht te praten. Maakt u daarvoor wel van tevoren een afspraak. De leerkracht maakt dan graag tijd voor u vrij.

 

En dan volgt nu informatie over de verschillende vakken:

 

Rekenen

Op De Springplank werken we met de methode:

De wereld in getallen (WIG). Niet ieder kind leert even gemakkelijk en snel. De vernieuwde versie van de methode  De wereld in getallen houdt daar meer rekening mee. Eerst krijgen alle kinderen een centrale instructie met behulp van het lesboek. Daarnaast is voor de zwakkere rekenaars in elke les een verlengde instructie uitgewerkt. Deze twee vormen van instructie worden door de leerkracht gegeven. Vervolgens oefent ieder kind zelfstandig in de weektaak op zijn of haar niveau.

In de weektaak staan oefeningen op drie niveaus: minimum-, basis- en plusniveau.

De verschillende niveaus worden aangegeven met één, twee of drie sterren. De indeling van de leerlingen in de verschillende niveaus is gebaseerd op de laatste Cito-score. Het is mogelijk om van het ene niveau door te schuiven naar een ander niveau.

In deze vernieuwde versie krijgt het automatiseren veel aandacht. De kinderen oefenen dit op veel manieren: mondeling, schriftelijk en op de computer.

Een belangrijk deel van de leerstof is opgenomen in de weektaak. Dit sluit goed aan bij de Daltonwerkwijze.

 

Taal

Onze methode heet: Taal in beeld

Deze methode is opgebouwd uit 8 blokken van 4 weken. Ieder blok heeft een eigen thema. De eerste 3 weken van ieder blok bestaan uit basislessen. Aan het begin van de 4e week is er een toetstaak. Er is ruime aandacht voor woordenschat, spreken/luisteren, schrijven ( stellen) en taalbeschouwing ( woordbouw, zinsbouw, taalgebruik ).

Elke les is als volgt opgebouwd:

-Wat ga je doen? ( het doel van de les wordt uitgelegd )

-Op verkenning ( verkennende opdrachten )

-Uitleg ( inhoudelijke instructie )

-Aan de slag ( werken aan de opdrachten in het werkboek )

-Terugkijken ( is het lesdoel bereikt? )

-Extra opdracht ( voor snelle leerlingen )

 

Spelling

De  methode heet: Spelling in beeld.

De kinderen leren de belangrijkste spellingcategorieën. Zo leren ze niet alleen zoveel mogelijk woorden correct te spellen, maar worden ze ook getraind in de juiste spellingdenkwijze.

Het accent wordt gelegd op:

Klankstrategie: schrijven zoals je het woord hoort ( hoor je oe dan schrijf je ook oe ).

Regelstrategie: het toepassen van spellingregels ( maak het woord langer bijv. honden, dus hond met een d ).

Weetstrategie: het inprenten van woorden ( ei en ij klinken hetzelfde; leren door inprenting ).

Opzoekstrategie en analogieaanpak (o.a. omgaan met het woordenboek en voorbeeldwoorden).Op speciale uitlegkaarten per spellingprobleem wordt een korte en duidelijke instructie geboden. Ook staan er op iedere kaart voorbeeldwoorden.

 

De opbouw van Spelling in Beeld is in blokken.

Een blok bevat standaard vier lesweken. In de eerste 3 weken van een blok zijn er in totaal 6 basislessen, dus 2 lessen spelling per week. De eerste 5 lessen oefenen de kinderen met één spellingcategorie. Het signaaldictee na les 5 is facultatief. Dit laat zien in welke spellingcategorieën een kind nog fouten maakt. Aan die categorieën kan  nog extra aandacht besteed worden. De 6e les is een herhalingsles, waarin de leerstof van het blok en de spellingcategorieën uit voorgaande blokken worden herhaald.

Aan het begin van de 4e week is er een controledictee. Dit dictee maakt duidelijk of de kinderen de doelen van het blok hebben bereikt. Voor wie dat niet zo is, zijn er herhalingstaken en alle andere kinderen kunnen verder met plustaken.

 

Begrijpend lezen

Al enige tijd gebruiken de groepen 3 t/m 8 Nieuwsbegrip. Met interactieve leeslessen sluit Nieuwsbegrip aan bij een onderwerp uit de dagelijkse actualiteit. Leerlingen maken oefeningen op papier én kunnen op de computer oefeningen maken in een speciale leerlingomgeving.

De kinderen lezen wekelijks een tekst over iets wat in het nieuws is, op hun eigen niveau. Elke week is er een nieuw onderwerp, in totaal 42 keer per jaar. De redactie zorgt ervoor dat er veel afwisseling is. Na een moeilijk onderwerp, zoals de herdenking van 9/11, volgt een luchtig onderwerp.

 

Het doel van de lessen Nieuwsbegrip is het strategisch leren lezen van teksten. Het nieuws is een middel om de kinderen te interesseren om de tekst te lezen. De leerkracht speelt daarbij een belangrijke rol. De juf of meester doet in de Nieuwsbegriplessen namelijk hardopdenkend voor hoe het lezen van een tekst in je hoofd werkt. Daarbij kan gebruik worden gemaakt van het digibord. De kinderen leren een strategie, die ze bij de tekst kunnen gebruiken. Ze leren bijvoorbeeld dat ze eerst naar de titel en de plaatjes bij de tekst moeten kijken, voor ze de tekst gaan lezen. Als je eerst voorspelt waar de tekst over gaat, begrijp je de tekst beter. Voorspellen is één van de vijf strategieën die leerlingen bij Nieuwsbegrip leren. Leerlingen werken met een stappenplan.

 

Technisch lezen

Met de methode “Estafette” werken we 2x per week aan correct lezen, vloeiend en vlot lezen  met een goede intonatie. Daarnaast wordt het technisch lezen twee keer per week  geoefend in niveaugroepjes.

 

Verkeer

Met behulp van het krantje “Op voeten en fietsen” leren de kinderen de verkeersborden, de voorrangsregels voor fietsers en voetgangers en de onderdelen van de fiets.

Verder hebben we een aantal praktische lessen die door Onderwijs Advies zijn ontwikkeld.

 

Natuurzaken

Aan de orde komen o.a. het plantenrijk, de dieren, het menselijk lichaam, de seizoenen, gezond gedrag, hygiëne en techniek.

 

Aardrijkskunde (Geobas)

In groep 6 staat Nederland centraal met name de provincies, maar ook onderwerpen als land- en tuinbouw, rivieren en kanalen, recreatie, waterwerken enz. komen aan bod.

Topografie: Opzoeken van plaatsen, rivieren, meren enz. met behulp van de atlas/computer.

 

Geschiedenis (Bij de Tijd)

De methode is verdeeld in 6 blokken. Een blok bestaat uit vier lessen gevolgd door een samenvatting. Elk blok wordt afgesloten met een toets.

Thema’s die in groep 6 aan de orde komen zijn:

De prehistorie, het leven van de Romeinen, de Middeleeuwse stad, Willem van Oranje, gelijke rechten in de negentiende eeuw en de tijd na de Tweede Wereldoorlog.

 

Schrijven (Pennenstreken)

In groep 6 gaat het om voortgezet schrijven. Gelet wordt op een goede zithouding, de papierligging, de penhantering en de kinderen leren schrijven tussen de aangegeven liniatuur. Alle hoofdletters zijn bekend en worden dit jaar herhaald .Er wordt geoefend in overschrijven zonder fouten en temposchrijven.

 

Gymnastiek

De kinderen hebben twee keer per week gymnastiek: op dinsdag (van de vakleerkracht) en op vrijdag (van de groepsleerkracht).

Het dragen van gymkleding en het douchen na de les is verplicht. Als om medische redenen het douchen niet gewenst is, dan graag een briefje. Het dragen van sieraden tijdens de gymnastiekles is niet toegestaan.

 

Bijbelles

Het volgen van de bijbelles is op vrijwillige basis. De kinderen die geen bijbellessen volgen, krijgen ander werk opgedragen.

 

Huiswerk

Huiswerk in groep 6 is vooral leren voor de toetsen van de zaakvakken, en werk afmaken waar ze op school niet aan toe zijn gekomen.

Verder gaan ze dit jaar ook thuis aan de slag met de online-lessen van Nieuwsbegrip. Hier krijgt u een aparte brief met informatie over.

 

Cito-toetsen

Tweemaal per jaar worden toetsen bij de leerlingen afgenomen, die niet methodegebonden zijn. Omstreeks januari worden de middentoetsen en in juni de eindtoetsen afgenomen van Cito. Beide keren gaat het om de toetsen voor begrijpend lezen, rekenen, spelling en technisch lezen, De toetsen worden nagekeken door de leerkracht en afhankelijk van het aantal goede antwoorden komt de leerling in niveau I, II, III, IV en V. Niveau I is het hoogste niveau, niveau II het laagste. De resultaten worden vermeld op het rapport van uw kind.

 

Er is een fout opgetreden. Fout: ICRArticles.Viewer is op dit moment niet beschikbaar.